Oppervlakkige wonden zoals schaafplekken of kleine vleeswonden kan je zelf behandelen. De eerste prioriteit is het voorkomen van infecties.
Schaafwonden die niet bloeden, maak je met een ontsmettingsmiddel schoon en als de wond droog is dek je de plek af met een verbandspray. Bloedt de wond wel een beetje, dan dat niet ongunstig. De onstekingsbronnen kunnen niet naar binnen als het bloed naar buiten komt. Wederom ontsmetten en afdekken, maar nooit afsluiten met pleister ofzo omdat de wond dan zeer waarschijnlijk onderhuids zal ontsteken.
Wees terughoudend en voorzichtig met het gebruik van zalfjes uit de verbanddoos want verschillende voor ons heilzame producten zijn schadelijk voor je leguaan. Levertraanzalf is wel goed.
Grotere oppervlakken of sterke bloedingen kan je niet zelf behandelen. Probeer het bloeden te stoppen, desnoods met keukenpapier en tape en ga naar de dierenarts.
De meest voorkomende infectieziekten zijn abcessen, ontstekingen in de bek en longontsteking. Dieren die onder stress leven, hebben eerder kans op infecties dan andere. Voor behandeling is altijd een dierenarts nodig.
Door verkeerde voeding kan een soort jicht ontstaan. Dit wordt veroorzaakt door teveel eiwit in het voer, waardoor een overschot aan urinezuur ontstaat dat weer tot gevolg heeft dat urinezouten worden afgezet in de nieren, de lever, het hart en de gewrichten. Uitdroging door onvoldoende luchtvochtigheid of drinkwater versterkt dit proces. Behandeling is niet echt mogelijk, alleen voorkomen is effectief.
Een door een stofwisselingsstoring veroorzaakte afwijking die vrij veel voorkomt, is een overactieve bijschildklier. De oorzaak is een verkeerde verhouding van calcium en fosfor in het voer. Is er structueel teveel fosfor, dan zal de bijschildklier overactief worden en kalk aan het skelet onttrekken. Het aanbieden van extra calcium bijvoorbeeld in de vorm van sepia-schelp helpt goed. Ook paardenbloem en klaver hebben een gunstig calcium-fosfor verhouding.
Vitamine D, UV-stralen en calcium-fosfor zijn nauw verbonden spelers in de stofwisseling en een verstoring van de juiste verhouding leidt tot een probleem.
Door een tekort aan vitamine D3 ontstaat rachitis. Een overdosis leidt tot verkalking. Kortom vitamine D3 (en ook A) heel nauwkeurig doseren en de UV-bestraling op het juiste peil houden.
Eigenlijk zijn die het grootste en meest voorkomende probleem. Wederom hebben dieren die onder stress leiden hier het meest lqast van.
Parasieten die aan de buitenkant zitten, de ectoparasieten, zijn teken, luizen en mijten. Teken verwijder je door ze met een pincet dicht tegen de hud beet te pakken en rond te draaien. Niet trekken! Daarna de plek ontsmetten. Probeer niet de teek te doden met alcohol of een sigaret. De teek spuit dan namelijk
in paniek de wond vol. De verwijderde teek daarna in een bakje water verdrinken of verbranden. Niet naar buiten gooien want dan krijgen andere huisdieren misschien ook weer teken. Mijten zijn een lastig probleem omdat de middelen die er tegen werken ook schadelijk zijn voor reptielen. Overleg met een specialist is noodzakelijk.
Endoparasieten, die het hele lichaam huizen, zijn verschillende wormen, amoeben, flagellaten, en coccidiën. Ook als je geen overduidelijke problemen singaleert, is een jaarlijks mestonderzoek aan te bevelen.
Tegen de wormen zijn in de dierenspeciaalzaak goede middelen verkrijgbaar die, als de gebruiksaanwijzing nauwgezet wordt opgevolgd, effectief werken.
Voor de overige inwendige parasieten is overleg met een dierenarts noodzakelijk.